De mosspringspin is een grote springspin Afdrukken E-mail

ImageDe mosspringspin is driemaal zo groot als de harlekijn, een overbekend springspinnetje dat op zonnige muren op vliegen jaagt. Trouw- lezeres Steffie van den Brink fotografeerde de mosspingspin op het vensterglas van haar woning. Het dier had blijkbaar een schuilplaats gevonden in een spleet in het raamkozijn, want mosspringspinnen zie je zelden overdag bezig. Het dier moet daar overwinterd hebben in een zelf gesponnen slaapzakje.

 

De tamelijk slanke en platte mosspringspin heeft korte, stevige poten en een ruig uiterlijk. Hij leeft vooral op dennestammen, waar hij zich schuilhoudt onder loszittende schors. Zijn kleur is voornamelijk bruingrijs met een zwarte en witte tekening op het achterlijf, een goede camouflage die hem op de dennestam vrijwel onzichtbaar maakt.

Springspinnen maken geen web maar besluipen hun prooi, waarbij zij elke oneffenheid van de ondergrond gebruiken. Ze kunnen diepte zien, want twee van de vier voorste ogen zijn extra groot en naar voren gericht. Ze dienen om de prooi te ontdekken en afstanden juist te schatten. De andere vier ogen staan ver naar achteren op het kopborststuk en dienen om bewegingen van opzij en achterwaarts op te merken. Zo kan de spin onraad snel registreren en op tijd een veilig heenkomen zoeken.

Voor de sprong draait de spin zijn kopborststuk in de richting van de prooi om de afstand nauwkeurig te bepalen. Na een geslaagde sprong verlamt hij de prooi door een snelle beet. Daarna sleept hij die naar zijn schuilplaats.

Springen doen deze spinnen ook als er onraad dreigt. Vlak voor de sprong zorgen ze voor een veiligheidsdraad voor het geval de sprong naar een prooi of om aan een belager te ontsnappen, mislukt. Vlak voor de sprong trekken ze hun achterste poten in.

Bron: Natuurdagboek van Henk van Halm, Trouw

 


Joomla Template by Joomlashack